Maak samen nieuwe natuur in de Wehlse Broeklanden

De Ulanen of grensrijders

Wehl is lang een enclave geweest, een stuk Duits gebied te midden van Nederlandse grond. Kleef was het “regeringscentrum” voor Wehl en later vererfde het via Brandenburg aan Pruisen. De Wehlse Beek is een grensbeek geweest tussen de enclave Wehl en Doetinchem tot 1815. De Didamse Leigraaf was de grens tussen Wehl en Didam.

Deze grenzen werden bewaakt door soldaten te paard. Ulanen werden ze genoemd. Dit waren ruiters bewapend met een lans en sabel en voorzien van een licht borstharnasje. Zij reden ooit aan de Doetinchemse kant van de Wehlse Beek met z’n tweeën naast elkaar. Dit ruiterpad diende toegankelijk te zijn.

Nu heeft de gemeente Doetinchem in de zomer van 2011 langs een deel van de Wehlse Beek een natuurwandelpad opengesteld. Dit wandelpad word aangegeven met paaltjes. Zou het niet geweldig zijn dat men in de nabije toekomst in een dag geheel over de voormalige grenzen rond Wehl zou kunnen wandelen of rijden, over het Ulanenpad?
 

De Wehlse Beek

Op de beek voeren in het verleden kleine aakachtige boten, die twee karrenvrachten hooi konden vervoeren van de toenmalige dotterbloem hooilanden. Een voer hooi is ongeveer 20 kub en deze boten vervoerden blijkbaar meer! De maten van zo’n aak waren op deze beek max. 8 meter en breed max. 2 meter. De diepgang ongeladen was 12 cm en geladen 48 cm. Mogelijk brachten deze aken het hooi naar Doesburg.

De belangrijkste veeteeltgebieden voor de roodbonte Maas-Rijn en IJsselkoeien (hier) lagen aan de IJssel en aan de Oude IJssel, terwijl langs de Berkel veel paarden werden gehouden. In veel gebieden, ook in de Achterhoek, kon men met paard en wagen niet inkomen omdat het te drassig was. De “waterwegen” gaven de ontsluiting van het gebied. Hier was veel kwel vanuit het Montferland. De weitjes waren omgeven door elzenhagen of meidoornheggen.
 

Oude IJssel-aak. Maten in ellen (1 el = 69 cm)


Ontwatering

Na de opheffing van de marken, ongeveer 1850, is men dit gebied langzaam gaan ontwateren en tegenwoordig is dit voormalige broekgebied een intensief landbouwgebied. Je kunt deze laagte nog wel ervaren als je vanaf Wehl naar Doetinchem wandelt of fietst. De Huet lag nog lager dan het Wehlse Broek. Om dit gebied te ontginnen was afwatering noodzakelijk en legde men haaks op de beek of rivier sloten aan. De grond was eigenlijk te zwaar om te kunnen ploegen met paardenkracht en ze waren nog te nat. Daarom werden het weilanden waar vetweiders, koeien voor de vleesproductie, graasden en een keuterboertje zijn een of twee koeien dagelijks op de fiets twee keer per dag kwam melken.
 

Roeden en Slagen

Prikkeldraad was er nog niet. Overschotten prikkeldraad uit de Eerste Wereld Oorlog ter bescherming van de loopgraven werden door handelaren aan de boeren verkocht met het argument dat ze nooit meer met de hand de meidoornheggen hoefden te knippen. Deze hagen vormden tot dan, naast de sloten, de afscheiding tussen de percelen. Die waren bv. 5 of 7 roeden breed. Een roede had  hier de maat van 3,7 meter. Dit soort lange smalle weidelandschap heet een slagenlandschap.

In 1820 kwam er in Nederland een eenheid in maten, het metrieke stelsel. Lang sprak men van een bunder, roeden of ellen grond. Een bunder was toen 1,29 ha, nu wordt 1 ha zo ook nog genoemd. Een vroegere bunder was 900 vierkante roeden of anderhalve morgen. En Rijnlandse morgen, hier vooral gebruikt, was 0,85 ha. Een Gelderse morgen was 0,86 ha. Een vierkante Rijnlandse roede was 14,91 vierkante meter, later werd dat 10 vierkante meter. El was ongeveer 1 meter. Wat moesten mensen vroeger toch veel rekenen zonder een rekenmachine ! Bij een morgen wordt het nog leuker, dat de grond die je in een morgen met een paard kunt ploegen en dat was minder dan 1 ha. Een morgen op zware klei was beduidend kleiner dan op lichte zandgrond.
 

Knappe(r)slag

Waarom al deze wijsheid? Naar aanleiding van het onlangs verschenen boek “Boerderijen- en veldnamen Stad en Ambt Doetinchem” vond een streekhistoricus deze koopakte:


Boonemaatje en ene weide Knappeslag.
G.A. Berendsen koopt van mej. Johanna Limbeek, weduwe van Theodorus Kempers te Wehl gem. Doetinchem sectie a nr. 139, 724 en 725 groot acht bunder, veertien roeden, zesenvijftig ellen. Prijs 7000 guldens.
Op 24 januari 1881


De vinder meldt erbij: G.A. Berendsen was mijn overgrootvader. Hij was zaakwaarnemer en rentmeester. Bovendien meldt hij dat Knappe hoogstwaarschijnlijk een achternaam was of bijnaam. Moet dit betekenen dat we uit onze Knapperslag van de Stichting Buur maakt Natuur de r moeten halen?  In elk geval hebben we weer een nieuwe naam Boonemaatje.

Dit alles heb ik nog eens nagezocht in het boerderijen – en veldnamenboek,  omdat ik twijfelde bij het woorden Doetinchem en sectie in de koopakte. Nu blijkt dat aan de Vogelstraat ten zuiden hiervan het Vogellandje en ’t Knappeslag hebben gelegen en wel aan de oorspronkelijke Doetinchemse kant tegen de voormalige belder aan, daar waar nu het Dilleveld is. M.a.w. het blijft nog de vraag wat de juiste oorspronkelijke naam van onze buurgrond is geweest.

Overigens in Lunteren bestaat al honderd jaar het buurtbos Lunteren. Een notaris heeft na het opheffen van de marken grond gekocht en dit heeft de stichting Lunters Buurtbos geërfd.

Herman Nijhof  24 december 2012

DOE MEE

  • Voor € 6,- m2

  • 100% besteed

  • Snel resultaat

Zij doen al mee!

  • Jac Linders (Watertap)
  • Ronald en Jacqueline Leusink-Otten (Watertap)
  • Sportschool de Open Lucht (Knapperslag)
  • Gerda Reinink (Knapperslag)
  • Herman Nijhof (Knapperslag)
  • Wim Beijer (Watertap)
  • Lidy Derksen (Watertap
  • Vincent Heuthorst (Watertap)
  • Bas Waterham (Knapperslag)
  • Ronald en Angelique van Es (Watertap)
  • Frans van Doesum (Watertap)

Alle deelnemers
't Knapperslag


Alle deelnemers
De Watertap